antwoord 12

Duid de juiste uitspraak aan.

A) Bij een lening met gelijke kapitaalaflossingen blijven de periodieke interestbetalingen tijdens de looptijd onveranderd.

B) Bij een termijnlening met vaste annuïteiten is het interestgedeelte in het begin doorgaans laag, terwijl het kapitaalgedeelte dan juist hoog is.

C) Bij een termijnlening met gelijke kapitaalaflossingen nemen de periodieke betalingen, die zowel uit interest als kapitaalaflossing bestaan, geleidelijk af in de loop van de tijd.

D) Een bulletlening is een termijnkrediet waarbij zowel het volledige kapitaal als alle interest pas éénmalig op de eindvervaldag worden terugbetaald.

vraag 12

Duid de juiste uitspraak aan.

A) Bij een lening met gelijke kapitaalaflossingen blijven de periodieke interestbetalingen tijdens de looptijd onveranderd.

B) Bij een termijnlening met vaste annuïteiten is het interestgedeelte in het begin doorgaans laag, terwijl het kapitaalgedeelte dan juist hoog is.

C) Bij een termijnlening met gelijke kapitaalaflossingen nemen de periodieke betalingen, die zowel uit interest als kapitaalaflossing bestaan, geleidelijk af in de loop van de tijd.

D) Een bulletlening is een termijnkrediet waarbij zowel het volledige kapitaal als alle interest pas éénmalig op de eindvervaldag worden terugbetaald.

antwoord 12

Duid de juiste uitspraak aan.

A) Bij een lening met gelijke kapitaalaflossingen blijven de periodieke interestbetalingen tijdens de looptijd onveranderd.

B) Bij een termijnlening met vaste annuïteiten is het interestgedeelte in het begin doorgaans laag, terwijl het kapitaalgedeelte dan juist hoog is.

C) Bij een termijnlening met gelijke kapitaalaflossingen nemen de periodieke betalingen, die zowel uit interest als kapitaalaflossing bestaan, geleidelijk af in de loop van de tijd.

D) Een bulletlening is een termijnkrediet waarbij zowel het volledige kapitaal als alle interest pas éénmalig op de eindvervaldag worden terugbetaald.

vraag 12

Duid de juiste uitspraak aan.

A) Bij een lening met gelijke kapitaalaflossingen blijven de periodieke interestbetalingen tijdens de looptijd onveranderd.

B) Bij een termijnlening met vaste annuïteiten is het interestgedeelte in het begin doorgaans laag, terwijl het kapitaalgedeelte dan juist hoog is.

C) Bij een termijnlening met gelijke kapitaalaflossingen nemen de periodieke betalingen, die zowel uit interest als kapitaalaflossing bestaan, geleidelijk af in de loop van de tijd.

D) Een bulletlening is een termijnkrediet waarbij zowel het volledige kapitaal als alle interest pas éénmalig op de eindvervaldag worden terugbetaald.