antwoord 8

Een vennootschap koopt op 01/07/N0 een machine voor 900.000 EUR. De levensduur bedraagt 15 jaar en er wordt lineair afgeschreven.

Op 01/01/N4 wordt de machine geschat op 835.000 EUR. De resterende levensduur blijft behouden.

Wat is de correcte meerwaarde bij herwaardering op 01/01/N4?

A) 85.000 EUR

B) 100.000 EUR

C) 130.000 EUR

D) 145.000 EUR

vraag 8

Een vennootschap koopt op 01/07/N0 een machine voor 900.000 EUR. De levensduur bedraagt 15 jaar en er wordt lineair afgeschreven.

Op 01/01/N4 wordt de machine geschat op 835.000 EUR. De resterende levensduur blijft behouden.

Wat is de correcte meerwaarde bij herwaardering op 01/01/N4?

A) 85.000 EUR

B) 100.000 EUR

C) 130.000 EUR

D) 145.000 EUR

antwoord 8

Een vennootschap koopt op 01/07/N0 een machine voor 900.000 EUR. De levensduur bedraagt 15 jaar en er wordt lineair afgeschreven.

Op 01/01/N4 wordt de machine geschat op 835.000 EUR. De resterende levensduur blijft behouden.

Wat is de correcte meerwaarde bij herwaardering op 01/01/N4?

A) 85.000 EUR

B) 100.000 EUR

C) 130.000 EUR

D) 145.000 EUR

vraag 8

Een vennootschap koopt op 01/07/N0 een machine voor 900.000 EUR. De levensduur bedraagt 15 jaar en er wordt lineair afgeschreven.

Op 01/01/N4 wordt de machine geschat op 835.000 EUR. De resterende levensduur blijft behouden.

Wat is de correcte meerwaarde bij herwaardering op 01/01/N4?

A) 85.000 EUR

B) 100.000 EUR

C) 130.000 EUR

D) 145.000 EUR