antwoord 9
Duid de onjuiste uitspraak aan.
A) Wanneer een vennootschap naar Belgisch recht samen met één of meer andere vennootschappen naar Belgisch of buitenlands recht een consortium vormt, worden die vennootschappen als verbonden vennootschappen beschouwd.
B) Een microvennootschap kan geen dochteronderneming of moederonderneming zijn.
D) Van een consortium is sprake wanneer een vennootschap samen met één of meer andere vennootschappen onder centrale leiding staat.
vraag 9
Duid de onjuiste uitspraak aan.
A) Wanneer een vennootschap naar Belgisch recht samen met één of meer andere vennootschappen naar Belgisch of buitenlands recht een consortium vormt, worden die vennootschappen als verbonden vennootschappen beschouwd.
B) Een microvennootschap kan geen dochteronderneming of moederonderneming zijn.
C) Er is sprake van een consortium wanneer een vennootschap naar Belgisch recht en één of meer vennootschappen naar Belgisch of buitenlands recht elkaars dochtervennootschappen zijn, of wanneer zij dochters zijn van dezelfde moedervennootschap.
D) Van een consortium is sprake wanneer een vennootschap samen met één of meer andere vennootschappen onder centrale leiding staat.
antwoord 9
Duid de onjuiste uitspraak aan.
A) Wanneer een vennootschap naar Belgisch recht samen met één of meer andere vennootschappen naar Belgisch of buitenlands recht een consortium vormt, worden die vennootschappen als verbonden vennootschappen beschouwd.
B) Een microvennootschap kan geen dochteronderneming of moederonderneming zijn.
D) Van een consortium is sprake wanneer een vennootschap samen met één of meer andere vennootschappen onder centrale leiding staat.
vraag 9
Duid de onjuiste uitspraak aan.
A) Wanneer een vennootschap naar Belgisch recht samen met één of meer andere vennootschappen naar Belgisch of buitenlands recht een consortium vormt, worden die vennootschappen als verbonden vennootschappen beschouwd.
B) Een microvennootschap kan geen dochteronderneming of moederonderneming zijn.
C) Er is sprake van een consortium wanneer een vennootschap naar Belgisch recht en één of meer vennootschappen naar Belgisch of buitenlands recht elkaars dochtervennootschappen zijn, of wanneer zij dochters zijn van dezelfde moedervennootschap.
D) Van een consortium is sprake wanneer een vennootschap samen met één of meer andere vennootschappen onder centrale leiding staat.