antwoord 47
Welke uitspraak is correct?
Een onderneming stelt vast dat een materieel vast actief met beperkte levensduur in het verleden te sterk werd afgeschreven als gevolg van een gewijzigde inschatting van de gebruiksduur. Daarnaast blijkt dat een eerder geboekte waardevermindering op een immaterieel vast actief met onbeperkte levensduur niet langer verantwoord is.
A) Beide correcties gebeuren verplicht via de resultatenrekening
C) Beide correcties worden verwerkt via herwaarderingsmeerwaarden
D) De afschrijvingen worden verplicht teruggenomen, de waardevermindering wordt aangepast via toekomstige schattingen
vraag 47
Welke uitspraak is correct?
Een onderneming stelt vast dat een materieel vast actief met beperkte levensduur in het verleden te sterk werd afgeschreven als gevolg van een gewijzigde inschatting van de gebruiksduur. Daarnaast blijkt dat een eerder geboekte waardevermindering op een immaterieel vast actief met onbeperkte levensduur niet langer verantwoord is.
A) Beide correcties gebeuren verplicht via de resultatenrekening
B) De afschrijvingen worden aangepast via toekomstige afschrijvingen, de waardevermindering wordt verplicht teruggenomen
C) Beide correcties worden verwerkt via herwaarderingsmeerwaarden
D) De afschrijvingen worden verplicht teruggenomen, de waardevermindering wordt aangepast via toekomstige schattingen
antwoord 47
Welke uitspraak is correct?
Een onderneming stelt vast dat een materieel vast actief met beperkte levensduur in het verleden te sterk werd afgeschreven als gevolg van een gewijzigde inschatting van de gebruiksduur. Daarnaast blijkt dat een eerder geboekte waardevermindering op een immaterieel vast actief met onbeperkte levensduur niet langer verantwoord is.
A) Beide correcties gebeuren verplicht via de resultatenrekening
C) Beide correcties worden verwerkt via herwaarderingsmeerwaarden
D) De afschrijvingen worden verplicht teruggenomen, de waardevermindering wordt aangepast via toekomstige schattingen
vraag 47
Welke uitspraak is correct?
Een onderneming stelt vast dat een materieel vast actief met beperkte levensduur in het verleden te sterk werd afgeschreven als gevolg van een gewijzigde inschatting van de gebruiksduur. Daarnaast blijkt dat een eerder geboekte waardevermindering op een immaterieel vast actief met onbeperkte levensduur niet langer verantwoord is.
A) Beide correcties gebeuren verplicht via de resultatenrekening
B) De afschrijvingen worden aangepast via toekomstige afschrijvingen, de waardevermindering wordt verplicht teruggenomen
C) Beide correcties worden verwerkt via herwaarderingsmeerwaarden
D) De afschrijvingen worden verplicht teruggenomen, de waardevermindering wordt aangepast via toekomstige schattingen