antwoord 32

Welke uitspraak met betrekking tot ondernemerschap is FOUT?

A) Het starten van een zelfstandige activiteit (bijvoorbeeld een bloemenwinkel, een krantenwinkel) valt niet onder de noemer ‘ondernemerschap’.

B) Een ondernemer kan niet rekenen op sociale regelgeving en vangnetten als het misgaat. Dit zorgt ervoor dat ondernemers meer risico lopen dan werknemers.

C) Zowel positieve als negatieve prikkels kunnen aan de basis van ondernemerschap liggen.

D) Ondernemingsplanning helpt ondernemers om zowel voor als na de start een beter zicht te krijgen op de vooruitzichten en slaagkansen van hun onderneming.

vraag 32

Welke uitspraak met betrekking tot ondernemerschap is FOUT?

A) Het starten van een zelfstandige activiteit (bijvoorbeeld een bloemenwinkel, een krantenwinkel) valt niet onder de noemer ‘ondernemerschap’.

B) Een ondernemer kan niet rekenen op sociale regelgeving en vangnetten als het misgaat. Dit zorgt ervoor dat ondernemers meer risico lopen dan werknemers.

C) Zowel positieve als negatieve prikkels kunnen aan de basis van ondernemerschap liggen.

D) Ondernemingsplanning helpt ondernemers om zowel voor als na de start een beter zicht te krijgen op de vooruitzichten en slaagkansen van hun onderneming.

antwoord 32

Welke uitspraak met betrekking tot ondernemerschap is FOUT?

A) Het starten van een zelfstandige activiteit (bijvoorbeeld een bloemenwinkel, een krantenwinkel) valt niet onder de noemer ‘ondernemerschap’.

B) Een ondernemer kan niet rekenen op sociale regelgeving en vangnetten als het misgaat. Dit zorgt ervoor dat ondernemers meer risico lopen dan werknemers.

C) Zowel positieve als negatieve prikkels kunnen aan de basis van ondernemerschap liggen.

D) Ondernemingsplanning helpt ondernemers om zowel voor als na de start een beter zicht te krijgen op de vooruitzichten en slaagkansen van hun onderneming.

vraag 32

Welke uitspraak met betrekking tot ondernemerschap is FOUT?

A) Het starten van een zelfstandige activiteit (bijvoorbeeld een bloemenwinkel, een krantenwinkel) valt niet onder de noemer ‘ondernemerschap’.

B) Een ondernemer kan niet rekenen op sociale regelgeving en vangnetten als het misgaat. Dit zorgt ervoor dat ondernemers meer risico lopen dan werknemers.

C) Zowel positieve als negatieve prikkels kunnen aan de basis van ondernemerschap liggen.

D) Ondernemingsplanning helpt ondernemers om zowel voor als na de start een beter zicht te krijgen op de vooruitzichten en slaagkansen van hun onderneming.