antwoord 12

Als de banken hun reservecoëfficiënt verlagen dan zal:

A) De geldhoeveelheid stijgen en de geldbasis stijgen

B) De geldhoeveelheid onveranderd blijven en de geldbasis stijgen

C) De geldhoeveelheid onveranderd blijven en de geldbasis onveranderd blijven

D) De geldhoeveelheid stijgen en de geldbasis onveranderd blijven

vraag 12

Als de banken hun reservecoëfficiënt verlagen dan zal:

A) De geldhoeveelheid stijgen en de geldbasis stijgen

B) De geldhoeveelheid onveranderd blijven en de geldbasis stijgen

C) De geldhoeveelheid onveranderd blijven en de geldbasis onveranderd blijven

D) De geldhoeveelheid stijgen en de geldbasis onveranderd blijven

antwoord 12

Als de banken hun reservecoëfficiënt verlagen dan zal:

A) De geldhoeveelheid stijgen en de geldbasis stijgen

B) De geldhoeveelheid onveranderd blijven en de geldbasis stijgen

C) De geldhoeveelheid onveranderd blijven en de geldbasis onveranderd blijven

D) De geldhoeveelheid stijgen en de geldbasis onveranderd blijven

vraag 12

Als de banken hun reservecoëfficiënt verlagen dan zal:

A) De geldhoeveelheid stijgen en de geldbasis stijgen

B) De geldhoeveelheid onveranderd blijven en de geldbasis stijgen

C) De geldhoeveelheid onveranderd blijven en de geldbasis onveranderd blijven

D) De geldhoeveelheid stijgen en de geldbasis onveranderd blijven